Pseudo-eindheffing: wat verandert er en waar liggen kansen?

| Geschreven door Bas
pseudo-eindheffing-consequenties-autokeuze

 

 

Update: 23 juni 2026

Op Prinsjesdag 2025 kondigde het kabinet plannen aan die ingrijpende gevolgen hebben voor ondernemers met zakelijke auto’s. Het Belastingplan 2026 is inmiddels door zowel de Tweede als de Eerste Kamer aangenomen (respectievelijk 27 november en 16 december 2025). In juni 2026 heeft staatssecretaris Eerenberg in een Kamerbrief de grootste knelpunten van de pseudo-eindheffing aangepakt en vier opties voorgelegd voor de youngtimerregeling. Hieronder de relevante maatregelen in kaart, de gevolgen voor ondernemers (en zzp’ers) met een auto via financial lease, en de strategieën om slim in te stappen.

Laatst bijgewerkt: 23 juni 2026

Wat is er nieuw in juni 2026?

De Kamerbrief van staatssecretaris Eerenberg van 22 juni 2026 bevat een aantal belangrijke wijzigingen op het Belastingplan 2026:

  • Vervangende auto’s tijdens onderhoud, reparatie of schadeherstel krijgen een vrijstelling tot maximaal veertien aaneengesloten kalenderdagen, ongeacht of het een EV of brandstofauto betreft.
  • Overige korte zakelijke inzet krijgt een tijdelijke vrijstelling tot 1 januari 2031, beperkt tot maximaal zeven aaneengesloten kalenderdagen en maximaal één keer per jaar per kenteken per werkgever.
  • Lesauto’s worden volledig vrijgesteld van de pseudo-eindheffing.
  • De overgangstermijn van het overgangsrecht wordt verlengd: in plaats van 17 september 2030 geldt nu 1 januari 2031 als einddatum.
  • Er liggen vier opties op tafel voor het afbouwpad van de youngtimerregeling.
  • Een greentimerregeling voor gebruikte elektrische auto’s wordt verder uitgewerkt.
  • Het kabinet onderzoekt een hervorming van de motorrijtuigenbelasting van gewicht naar voertuigafmetingen, op z’n vroegst per 2028.

Voor dealerdemo’s en voor auto’s die een werknemer meeneemt naar een nieuwe werkgever komt er geen uitzondering. Deze uitwerking komt in het Belastingplan 2027, dat op Prinsjesdag wordt gepresenteerd. Op eind juni 2026 debatteert de Tweede Kamer over de maatregelen, maar grote wijzigingen worden niet verwacht.

Pseudo-eindheffing op fossiele auto’s: nu wetgeving

De pseudo-eindheffing is onderdeel van het Belastingplan 2026 en daarmee definitief aangenomen. Vanaf 1 januari 2027 geldt een extra werkgeversheffing voor personenauto’s met CO₂-uitstoot (benzine, diesel én hybride) die een werkgever ter beschikking stelt voor privégebruik.

  • De heffing bedraagt 12% van de cataloguswaarde (inclusief btw en bpm) per jaar.
  • Voor auto’s ouder dan 25 jaar geldt de heffing over de waarde in het economische verkeer.
  • De heffing is volledig voor rekening van de werkgever. Doorbelasten aan de werknemer is wettelijk verboden.
  • Woon-werkverkeer telt voor de pseudo-eindheffing mee als privégebruik, anders dan bij de reguliere bijtelling.
  • De heffing wordt berekend per hele kalendermaand. Als een auto slechts een deel van de maand beschikbaar is gesteld, geldt toch de volledige maandheffing.
  • De 500-kilometergrens geldt niet: ook als een werknemer aantoonbaar minder dan 500 kilometer per jaar privé rijdt, is de heffing verschuldigd zolang woon-werkverkeer met de auto plaatsvindt.
  • De heffing over 2027 moet uiterlijk worden voldaan bij de tweede loonaangifte in 2028 (februari 2028). Werkgevers mogen ook gedurende het jaar afdragen via een schatting met eindafrekening.

De pseudo-eindheffing komt bovenop de reguliere bijtelling die de werknemer betaalt. Het zijn twee afzonderlijke regelingen naast elkaar.

Rekenvoorbeeld: een fossiele auto met een cataloguswaarde van € 50.000 levert een extra werkgeversheffing op van € 6.000 per jaar, oftewel € 500 per maand bovenop de bestaande kosten.

Nieuwe vrijstellingen per juni 2026

Naar aanleiding van een brandbrief van BOVAG en negentien andere branche- en werkgeversorganisaties heeft het kabinet drie gerichte uitzonderingen aangekondigd. Deze uitzonderingen worden uitgewerkt in het Belastingplan 2027.

  • Vervangend vervoer: voor vervangende auto’s die maximaal veertien aaneengesloten kalenderdagen worden ingezet bij onderhoud, reparatie of schadeherstel geldt een vrijstelling. Het maakt niet uit of de vervangende auto elektrisch of fossiel is. Daarmee vervalt het eerdere knelpunt dat een werkgever bij elke garagebeurt over een vervangende fossiele auto pseudo-eindheffing zou moeten betalen.
  • Overige korte zakelijke inzet: voor andere kortdurende terbeschikkingstellingen geldt een tijdelijke uitzondering tot 1 januari 2031. De maximale duur is zeven aaneengesloten kalenderdagen, met een limiet van één keer per jaar per kenteken per werkgever. Deze beperking voorkomt dat met wisselende kortdurende terbeschikkingstellingen de heffing wordt omzeild.
  • Lesauto’s: rijschoolauto’s worden volledig vrijgesteld. Lesauto’s kunnen niet massaal elektrificeren, omdat een leerling moet leren schakelen voor het volwaardige rijbewijs B.

Bij terbeschikkingstellingen langer dan zeven dagen blijft de pseudo-eindheffing vanaf 1 januari 2027 onverkort van toepassing. Daaronder vallen vrijwel alle (short)leasecontracten en voorloopauto’s.

Wat is niet opgelost?

Twee belangrijke knelpunten uit de branche blijven onopgelost:

  • Dealerdemo’s: er komt geen vrijstelling voor demovoertuigen. Dat blijft een knelpunt voor dealerbedrijven, omdat de samenstelling van de demovloot door de importeur wordt bepaald en zowel fossiele als elektrische uitvoeringen beschikbaar moeten zijn.
  • Meenemen naar nieuwe werkgever: als een werknemer een fossiele auto van de zaak meeneemt naar een nieuwe werkgever, geldt dit als een nieuwe terbeschikkingstelling. Daarmee wordt de pseudo-eindheffing direct verschuldigd, ook als de auto al onder de overgangsregeling viel.

Overgangsregeling: nu tot 1 januari 2031

  • Auto’s die vóór 1 januari 2027 al ter beschikking zijn gesteld, vallen onder een overgangsregeling.
  • Tot 1 januari 2031 blijven deze auto’s buiten de pseudo-eindheffing. Op verzoek van het bedrijfsleven is deze einddatum verlegd van 17 september 2030 naar 1 januari 2031.
  • Vanaf 1 januari 2031 geldt de heffing voor alle fossiele personenauto’s, ongeacht wanneer ze ter beschikking zijn gesteld.
  • Het overgangsrecht is gekoppeld aan het voertuig en het moment van eerste terbeschikkingstelling, niet aan de persoon van de werknemer of DGA.

Consequentie: wie in 2025 of 2026 een leasecontract afsluit, kan tot 1 januari 2031 profiteren van de overgangsregeling. Een contract dat per 1 januari 2026 ingaat met een looptijd van vijf jaar loopt af op 31 december 2030 en valt daarmee volledig binnen het overgangsrecht. Dat is dankzij de verlegde einddatum een duidelijker situatie dan onder het oude regime, waarbij contracten vanaf eind september 2030 alsnog deels onder de heffing vielen.

Aandachtspunten uit de praktijk

Ook na de nieuwe vrijstellingen blijven enkele uitvoeringsknelpunten relevant:

  • Poolauto’s: bij poolauto’s die door verschillende werknemers worden gebruikt, is over de gehele kalendermaand pseudo-eindheffing verschuldigd per werknemer aan wie de auto beschikbaar is gesteld, ook als de auto maar één dag privé is gebruikt. Een poolauto die voor vijf medewerkers beschikbaar is, kan leiden tot vijf keer de pseudo-eindheffing.
  • Vervangend vervoer over twee maanden: de vrijstelling voor vervangend vervoer geldt voor veertien aaneengesloten kalenderdagen, maar als die periode in twee kalendermaanden valt en de zeven-dagen-norm overschrijdt, blijft de heffing in beeld bij eventuele toepassing van de korte-inzet-regel buiten de vervangingscontext.

Youngtimerregeling: vier opties op tafel

Naast de pseudo-eindheffing is via een amendement van Kamerleden Grinwis (ChristenUnie) en Oosterhuis (D66) eind 2025 de youngtimerregeling fors versoberd. Per 1 januari 2026 verschoof de minimumleeftijd van 15 naar 16 jaar, en per 1 januari 2027 zou de grens stijgen naar 25 jaar. Voor auto’s tussen 16 en 25 jaar zou daarmee het fiscale voordeel volledig vervallen.

Na een herstelmotie van diezelfde Kamerleden Grinwis en Oosterhuis op 31 maart 2026 heeft staatssecretaris Eerenberg in zijn Kamerbrief van juni vier opties voorgelegd om de regeling te repareren of geleidelijker af te bouwen:

  1. De youngtimerregeling blijft ongewijzigd voor alle auto’s van 16 jaar en ouder.
  2. Auto’s met een eerste registratiedatum van 31 december 2010 of eerder blijven voor altijd in de youngtimerregeling. Voor auto’s met een later bouwjaar gaat de leeftijdsgrens naar 25 jaar.
  3. Auto’s met een eerste registratiedatum van 31 december 2010 of eerder mogen tot uiterlijk 31 december 2031 gebruik blijven maken van de regeling. Daarna geldt de leeftijdsgrens van 25 jaar.
  4. De leeftijdsgrens gaat per 2027 naar 17 jaar, per 2028 naar 20 jaar en per 2032 naar 25 jaar.

Het kabinet ziet zelf een combinatie van het afbouwen van de youngtimerregeling en een greentimerregeling als interessante richting. Dat maakt het onwaarschijnlijk dat de eerste optie, waarbij de regeling volledig in stand blijft, het haalt. Er is geen financiële dekking voor de opties, dus er moet nog geld vandaan komen.

Let op: zolang er geen wetswijziging ligt, blijft de huidige wet van kracht. Per 1 januari 2027 gaat de grens dus formeel naar 25 jaar, tenzij de reparatie tijdig in het Belastingplan 2027 wordt verwerkt. Het kabinet komt op z’n vroegst in augustus 2026 met een definitieve keuze.

Greentimerregeling voor gebruikte elektrische auto’s

De greentimerregeling moet gebruikte elektrische auto’s aantrekkelijker maken voor zakelijke rijders. Het kabinet denkt aan een bijtellingskorting voor elektrische auto’s van vijf tot acht jaar oud. Achterliggend doel is dat gebruikte EV’s in Nederland blijven, in plaats van massaal naar het buitenland te verdwijnen. De greentimerregeling versterkt de tweedehands EV-markt en helpt zo ook de afschrijving op nieuwe EV’s te beperken. De financiële ruimte voor deze regeling is gekoppeld aan de uitkomst van het youngtimer-dossier: hoe ruimer de reparatie van de youngtimerregeling, hoe minder budget er overblijft voor de greentimer.

Bijtelling elektrische auto’s: trapsgewijze verhoging

Dankzij het amendement uit eind 2025 is de korting op de bijtelling voor elektrische auto’s langer behouden dan oorspronkelijk gepland:

  • 2025: 17% bijtelling over de eerste € 30.000 cataloguswaarde, 22% daarboven.
  • 2026: 18% over de eerste € 30.000, 22% daarboven.
  • 2027: 20% over de eerste € 30.000, 22% daarboven.
  • Vanaf 2028: 22% over de volledige cataloguswaarde (gelijk aan niet-elektrische auto’s).

Als een elektrische auto in 2026 of 2027 wordt aangeschaft, geldt de korting 60 maanden lang vanaf de eerste toelating.

Motorrijtuigenbelasting: hervorming in onderzoek

In dezelfde Kamerbrief kondigt het kabinet aan dat onderzocht wordt of de motorrijtuigenbelasting kan worden omgebouwd. De huidige MRB is gebaseerd op gewicht, maar het kabinet denkt aan een grondslag op basis van voertuigafmetingen (wielbasis x spoorbreedte). Deze hervorming neemt meer tijd in beslag en wordt zeker niet voor 1 januari 2028 ingevoerd. Voor ondernemers met een EV is dit relevant, omdat elektrische auto’s door hun accupakket nu zwaar wegen en daardoor in de MRB ongunstig uitvallen.

Impact voor ondernemers en zzp’ers met een auto via financial lease

Voor zzp’er of eenmanszaak zonder personeel

Als je geen personeel hebt en je rijdt zelf met een zakelijke auto via jouw onderneming (bijvoorbeeld via financial lease), dan valt de pseudo-eindheffing niet op jou. De heffing geldt namelijk alleen voor werkgevers en inhoudingsplichtigen voor de loonbelasting.

Wel zijn er twee indirecte effecten om rekening mee te houden:

  • De versobering van de youngtimerregeling raakt zzp’ers direct. Per 2027 geldt de gunstige dagwaardebijtelling alleen nog voor auto’s van 25 jaar of ouder, tenzij een van de vier reparatieopties tijdig wordt vastgelegd.
  • De pseudo-eindheffing heeft indirect effect op leasetarieven en restwaarden, omdat fiscale factoren meespelen in de marktwaarde van occasion-leasecontracten en in de prijsstelling van nieuwe leasecontracten voor werkgevers.

Voor ondernemers met personeel of DGA’s

Als je personeel hebt, of als je via een BV een auto ter beschikking gesteld krijgt als DGA, dan wordt de pseudo-eindheffing direct relevant. Een DGA wordt voor de loonheffing als werknemer beschouwd.

  • De extra belastingdruk van 12% over de cataloguswaarde kan de totale kosten van een zakelijke auto substantieel verhogen.
  • Bij een leasecontract dat vóór 2027 ingaat, kan de auto tot 1 januari 2031 buiten de pseudo-eindheffing vallen. Dat maakt contracten die in 2025 of 2026 starten relatief aantrekkelijk.
  • Bij contracten die na 1 januari 2027 starten, is de heffing direct verschuldigd vanaf het moment van terbeschikkingstelling.
  • De combinatie van pseudo-eindheffing en versoberde youngtimerregeling kan per 2027 een dubbele kostenstijging opleveren voor DGA’s met een fossiele auto tussen 16 en 25 jaar oud.
  • Voor vervangend vervoer tijdens onderhoud (tot veertien dagen) en zeer kortdurende inzet (tot zeven dagen, één keer per jaar) geldt een vrijstelling. Dat verlicht de uitvoeringslast aanzienlijk.

Risicofactoren

  • De pseudo-eindheffing en de versobering van de youngtimerregeling zijn aangenomen wetgeving. De pseudo-eindheffing gaat per 1 januari 2027 in.
  • De nieuwe vrijstellingen (vervangend vervoer, korte inzet, lesauto’s) en de verlegde einddatum naar 1 januari 2031 worden pas formeel via het Belastingplan 2027 op Prinsjesdag wettelijk vastgelegd. De politieke kans dat dit doorgaat is groot, maar definitief is het pas na aanname door beide Kamers.
  • De reparatie van de youngtimerregeling staat nog open: vier opties zijn voorgelegd, een keuze volgt op z’n vroegst in augustus 2026.
  • De financiële dekking voor de youngtimer- en greentimerregeling is nog onduidelijk. Het kabinet spreekt expliciet over ‘kiezen in schaarste’.
  • Voor dealerdemo’s en voor het meenemen van een fossiele auto naar een nieuwe werkgever komt vooralsnog geen uitzondering.
  • De MRB-hervorming naar voertuigafmetingen is nog in onderzoeksfase en wordt niet voor 2028 doorgevoerd.

Kansen en strategieën

Instappen vóór 1 januari 2027

  • Door vóór die datum een leasecontract af te sluiten of een auto aan te schaffen, profiteer je van de overgangsregeling voor de pseudo-eindheffing tot 1 januari 2031.
  • De timing is nu eenvoudiger te plannen dan onder de oorspronkelijke einddatum van 17 september 2030. Een contract dat per 1 januari 2026 ingaat met een looptijd van vijf jaar, eindigt per 31 december 2030 en valt volledig buiten de pseudo-eindheffing.
  • Bij contracten die doorlopen na 1 januari 2031 reken je pro rata de pseudo-eindheffing mee in de totale kosten.

Leasecontracten afstemmen op looptijd tot 1 januari 2031

  • Plan leasecontracten zodanig dat de afloop vóór 1 januari 2031 ligt.
  • Bij een vijfjarig contract betekent dit een uiterste startdatum van begin januari 2026.
  • Bij een vierjarig contract is de uiterste startdatum begin januari 2027, maar dan kan de overgangsregeling alleen worden benut als de terbeschikkingstelling formeel vóór 1 januari 2027 valt.
  • Start geen contract na 1 januari 2027 met een fossiele auto zonder de heffing volledig mee te begroten.

Kies voor nulemissieauto’s (EV of waterstof)

  • De pseudo-eindheffing geldt niet voor volledig elektrische auto’s of waterstofauto’s.
  • Elektrische auto’s profiteren in 2026 en 2027 nog van een verlaagde bijtelling (18% respectievelijk 20% over de eerste € 30.000).
  • Met de greentimerregeling in het vooruitzicht wordt ook een gebruikte EV van vijf tot acht jaar oud fiscaal interessanter, mits het voorstel definitief wordt.
  • Houd er rekening mee dat vanaf 2028 het bijtellingsvoordeel voor elektrische auto’s volledig vervalt (22% over de gehele cataloguswaarde).

Youngtimers: wacht af of anticipeer?

  • Rijd je nu in een youngtimer van 16 jaar of ouder? In 2026 verandert er niets. De grote verandering staat gepland per 1 januari 2027.
  • In drie van de vier reparatieopties speelt bouwjaar 2010 een aparte rol. Auto’s met een eerste registratiedatum van 31 december 2010 of eerder lijken in elk reparatiescenario het beste af.
  • Overweeg je nu de aankoop van een youngtimer met bouwjaar 2011 of later? Wees voorzichtig. Zolang er geen definitieve reparatie is, loop je het risico dat de bijtelling per 2027 overgaat naar 22% of 25% over de cataloguswaarde. Dat kan oplopen tot honderden euro’s per maand extra.
  • Bij een auto van 25 jaar of ouder zit je sowieso goed: die blijft onder de youngtimerregeling vallen, ongeacht de uitkomst van het politieke debat.

Heronderhandel of vervroegd vernieuwen van leasecontracten

  • Onderzoek of je bestaande leasecontracten kunt vervroegen of heronderhandelen om vóór 2027 in de overgangsregeling te vallen.
  • In sommige gevallen kan het aantrekkelijk zijn een contract vervroegd te beëindigen, mits financieel haalbaar, om onder het overgangsrecht te vallen.
  • Let bij personeelswisselingen op: als een werknemer zijn auto van de zaak meeneemt naar een nieuwe werkgever, geldt dit als nieuwe terbeschikkingstelling en vervalt de overgangsregeling voor die auto.

Maak een fiscale en mobiliteitsplan voor 2026 tot en met 2031

  • Door nu te anticiperen op de fiscale druk kun je veranderingen geleidelijk spreiden.
  • Overweeg toekomstscenario’s: wat als de pseudo-eindheffing in latere jaren verder stijgt? Wat als de reparatie van de youngtimerregeling tegenvalt? Wat als de MRB straks op voertuigafmetingen wordt gebaseerd?
  • Betrek een fiscalist om het optimale moment en voertuig te kiezen, zeker bij een BV-constructie waar pseudo-eindheffing en bijtelling samenkomen.

Disclaimer: dit artikel is informatief bedoeld en bijgewerkt op basis van de stand van wetgeving en politieke ontwikkelingen per juni 2026. De vrijstellingen voor vervangend vervoer, korte inzet en lesauto’s, evenals de verlegde einddatum van het overgangsrecht, worden uitgewerkt in het Belastingplan 2027. De reparatie van de youngtimerregeling is nog niet definitief. Raadpleeg altijd een fiscaal adviseur voor advies op maat.

Veelgestelde vragen

Wat verandert er in juni 2026 aan de pseudo-eindheffing?

Het kabinet voert drie vrijstellingen in: voor vervangend vervoer tot veertien aaneengesloten kalenderdagen, voor overige korte zakelijke inzet tot zeven aaneengesloten kalenderdagen (één keer per jaar per kenteken per werkgever, tot 1 januari 2031) en een volledige vrijstelling voor lesauto’s. De einddatum van het overgangsrecht schuift op van 17 september 2030 naar 1 januari 2031.

Geldt de pseudo-eindheffing ook voor zzp’ers?

Nee. De pseudo-eindheffing geldt alleen voor werkgevers en inhoudingsplichtigen voor de loonbelasting. Zelfstandig ondernemers zonder personeel vallen buiten de heffing. Wel kunnen leasetarieven en restwaarden indirect worden beïnvloed door de heffing.

Tot wanneer geldt de overgangsregeling voor de pseudo-eindheffing?

De overgangsregeling geldt tot 1 januari 2031. Auto’s die vóór 1 januari 2027 ter beschikking zijn gesteld, vallen tot die datum buiten de pseudo-eindheffing. Vanaf 1 januari 2031 geldt de heffing voor alle fossiele zakelijke auto’s, tenzij ze emissieloos zijn.

Welke vier opties liggen er voor de youngtimerregeling?

Het kabinet heeft vier opties voorgelegd: de regeling ongewijzigd voortzetten, een knip op bouwjaar 2010 zonder einddatum, dezelfde knip met afloopdatum 31 december 2031, of een geleidelijke verhoging naar 25 jaar via tussenstappen in 2027, 2028 en 2032. Een definitieve keuze volgt op z’n vroegst in augustus 2026.

Wat is de greentimerregeling?

De greentimerregeling is een voorgestelde fiscale regeling voor gebruikte elektrische auto’s van vijf tot acht jaar oud. Het doel is om gebruikte EV’s aantrekkelijker te maken voor zakelijke rijders en export naar het buitenland tegen te gaan. De regeling wordt verder uitgewerkt en is gekoppeld aan de financiële ruimte die overblijft na de reparatie van de youngtimerregeling.

Komt er een vrijstelling voor dealerdemo’s?

Nee, het kabinet ziet vooralsnog geen ruimte voor een vrijstelling voor dealerdemo’s. Dat blijft een knelpunt voor dealerbedrijven, omdat de samenstelling van de demovloot door de importeur wordt bepaald. BOVAG blijft hierover lobbyen.

Wat gebeurt er als een werknemer zijn auto van de zaak meeneemt naar een nieuwe werkgever?

Dat geldt als een nieuwe terbeschikkingstelling. De pseudo-eindheffing wordt vanaf dat moment direct verschuldigd, ook als de auto onder de oude werkgever onder de overgangsregeling viel.

Veelgestelde vragen over pseudo eindheffing

Financial lease geeft kansen

Door voor financial lease te kiezen heb je de mogelijkheid om tussentijds jouw overeenkomst open te breken en van auto te wisselen. Op die manier kun je kiezen voor een lange looptijd, wat zorgt voor lagere maandlasten, en toch flexibel blijven.

Als je er aan toe bent dan kun je ook nu al kiezen voor een elektrische auto in combinatie met financial lease. Bij FinancialLeaseZZP.nl heb je keuze uit 2 duizend elektrische occasions vanaf € 99 per maand.

Nieuws