Fossiele auto van de zaak? Vanaf 2027 betaal jij als ondernemer fors extra

Update: 17 september 2026

Vanaf 1 januari 2027 wordt het voor werkgevers flink duurder om werknemers een zakelijke auto met verbrandingsmotor ter beschikking te stellen voor privégebruik. Dan gaat de pseudo-eindheffing in. Deze heffing is onderdeel van het Belastingplan 2026, dat definitief is aangenomen, en komt bovenop de bestaande bijtelling van de werknemer. In het Belastingplan 2027 heeft het kabinet op Prinsjesdag een aantal aanpassingen aangekondigd, waaronder een langer overgangsrecht en nieuwe uitzonderingen.

De maatregel raakt niet alleen benzine- en dieselauto's, maar ook hybrides en plug-in hybrides. Alleen volledig emissievrije auto's, zoals elektrische auto's en waterstofauto's, vallen erbuiten. Voor zzp'ers met een eenmanszaak verandert er niets, maar voor DGA's, werkgevers en bedrijven met een wagenpark des te meer.

Wat houdt de pseudo-eindheffing in?

De pseudo-eindheffing is een extra belasting die de werkgever betaalt wanneer een fossiele personenauto ter beschikking wordt gesteld aan een werknemer die de auto ook privé gebruikt. De heffing bedraagt op jaarbasis 12 procent van de cataloguswaarde, inclusief btw en bpm. Voor een youngtimer geldt de dagwaarde als grondslag. De heffing komt volledig voor rekening van de werkgever en is niet verhaalbaar op de werknemer.

De heffing wordt per kalendermaand berekend. Is de auto maar een deel van de maand beschikbaar, dan telt die maand als een volle maand. Over een heel jaar komt de berekening neer op:

Pseudo-eindheffing = 12% x cataloguswaarde (inclusief btw en bpm)

Voorbeeldberekeningen

Voorbeeld 1: middenklasse auto

Auto: Volkswagen Golf
Cataloguswaarde: €40.000
Pseudo-eindheffing: 12% x €40.000 = €4.800 per jaar
Per maand: €400 extra kosten voor de werkgever

Voorbeeld 2: premium leaseauto

Auto: BMW 3 Serie
Cataloguswaarde: €55.000
Pseudo-eindheffing: 12% x €55.000 = €6.600 per jaar
Per maand: €550 extra kosten voor de werkgever

Voorbeeld 3: bedrijfswagen als personenauto

Auto: Mercedes-Benz V-Klasse (M1-classificatie)
Cataloguswaarde: €70.000
Pseudo-eindheffing: 12% x €70.000 = €8.400 per jaar
Per maand: €700 extra kosten voor de werkgever

Deze bedragen komen bovenop de gewone kosten van de auto, zoals lease, brandstof, wegenbelasting en verzekering, en bovenop de bijtelling van de werknemer.

Drie belangrijke verschillen met de reguliere bijtelling

De pseudo-eindheffing lijkt op de bijtelling, maar er zijn verschillen die de maatregel strenger maken:

1. Woon-werkverkeer telt als privégebruik
Bij de reguliere bijtelling geldt woon-werkverkeer als zakelijk. Bij de pseudo-eindheffing telt het als privégebruik. Het gaat dan om ritten tussen de woon- of verblijfplaats van de werknemer en een vaste werkplek. Vrijwel elke werknemer die met de auto naar het werk rijdt, valt dus onder de heffing.

2. De 500-kilometergrens helpt niet
Bij de bijtelling voorkom je heffing als je aantoonbaar minder dan 500 kilometer per jaar privé rijdt. Omdat woon-werkverkeer voor de pseudo-eindheffing als privé telt, helpt die grens hier niet. Gebruikt een werknemer de auto alleen voor woon-werkverkeer, dan is de heffing toch verschuldigd.

3. De werkgever betaalt, niet de werknemer
De bijtelling verhoogt het belastbare loon van de werknemer. De pseudo-eindheffing betaalt de werkgever zelf, en die is niet verhaalbaar op de werknemer. Het is een directe kostenpost voor het bedrijf.

Voor wie geldt de maatregel?

Wel pseudo-eindheffing:

  • Werkgevers die vanaf 1 januari 2027 een fossiele personenauto voor het eerst ter beschikking stellen aan een werknemer die de auto ook privé gebruikt, inclusief woon-werkverkeer. Het maakt niet uit of de auto nieuw of gebruikt is.
  • DGA's die vanuit hun bv een fossiele personenauto ter beschikking gesteld krijgen
  • Fossiele poolauto's die door wisselende werknemers privé worden gebruikt
  • Hybride en plug-in hybride auto's, oftewel alle personenauto's die niet volledig emissievrij zijn
  • Youngtimers, met de dagwaarde als grondslag

Geen pseudo-eindheffing:

  • Volledig emissievrije auto's, zoals elektrische auto's en waterstofauto's
  • Bestelauto's, want de heffing geldt alleen voor personenauto's
  • Zzp'ers met een eenmanszaak of VOF zonder personeel (zij vallen niet onder de loonbelasting)
  • Auto's die aantoonbaar uitsluitend zakelijk worden gebruikt, zonder woon-werkverkeer
  • Vrachtwagens en tractors

Nieuwe uitzonderingen uit het Belastingplan 2027

Na signalen uit de praktijk heeft het kabinet op Prinsjesdag een aantal aanpassingen aangekondigd:

  • Vervangend vervoer: een vervangende auto bij schade, reparatie, onderhoud of een bandenwissel is per periode maximaal 14 dagen uitgezonderd. Dat geldt ook als de vaste auto elektrisch is.
  • Kortdurende inzet: tot 1 januari 2031 mag een fossiele auto per werkgever één keer per kalenderjaar maximaal zeven aaneengesloten dagen ter beschikking worden gesteld zonder heffing. Duurt het langer, of wordt dezelfde auto later dat jaar opnieuw ingezet, dan vervalt de uitzondering helemaal. Dit is vooral handig bij incidentele huurauto's.
  • Lesauto's: rijscholen krijgen een vrijstelling voor lesauto's.
  • Geen dubbele heffing: er komt een regel die voorkomt dat de pseudo-eindheffing voor auto's en die voor hoge vertrekvergoedingen over hetzelfde bedrag worden geheven.
  • Grensoverschrijdende arbeid: de verdeling van het heffingsrecht uit een belastingverdrag kan ook doorwerken naar de pseudo-eindheffing.

Deze aanpassingen moeten nog door de Tweede en Eerste Kamer.

Overgangsregeling: tot en met 31 december 2030

Heeft de werkgever een auto vóór 1 januari 2027 al aan een werknemer ter beschikking gesteld, dan geldt overgangsrecht. Volgens de huidige wet loopt dat tot 17 september 2030. Het Belastingplan 2027 verlengt dat tot en met 31 december 2030, zodat de regeling netjes bij de jaarwisseling eindigt.

De timing van je leasecontracten wordt daarmee fiscaal bepalend:

Scenario 1 (gunstig):
Je stelt per 1 december 2026 een fossiele leaseauto ter beschikking met een contract van 48 maanden. Het contract loopt tot en met november 2030. De auto valt de hele looptijd onder het overgangsrecht, dus je betaalt geen pseudo-eindheffing. Met de huidige einddatum van 17 september 2030 zou je over september tot en met november 2030 wel heffing betalen.

Scenario 2 (deels gunstig):
Je stelt per 1 december 2026 een fossiele leaseauto ter beschikking met een contract van 60 maanden, tot en met november 2031. Tot en met 2030 betaal je geen heffing. Vanaf januari 2031 is de heffing wel verschuldigd, over januari tot en met november 2031.

Scenario 3 (ongunstig):
Je stelt per 1 februari 2027 een fossiele leaseauto ter beschikking. Het overgangsrecht geldt niet, dus je betaalt vanaf de eerste maand de volledige pseudo-eindheffing.

Het overgangsrecht hoort bij de auto en de werkgever. Stelt de werkgever dezelfde auto na 2027 aan een andere werknemer ter beschikking, dan blijft het overgangsrecht gelden. Gaat de auto over naar een andere werkgever, bijvoorbeeld als een werknemer van baan wisselt en de auto meeneemt, dan vervalt het overgangsrecht.

DGA's: let extra op

Als directeur-grootaandeelhouder val je ook onder deze maatregel wanneer je vanuit je bv een fossiele personenauto ter beschikking gesteld krijgt. Je bv betaalt dan de pseudo-eindheffing, bovenop de bijtelling die je zelf al hebt.

Bij een auto met een cataloguswaarde van €50.000 ziet dat er zo uit:

  • Bijtelling: 22% x €50.000 = €11.000 extra belastbaar loon voor jou als DGA. Hoeveel belasting je daarover betaalt, hangt af van je tarief.
  • Pseudo-eindheffing: 12% x €50.000 = €6.000 per jaar, te betalen door je bv

Bij een elektrische auto vervalt de pseudo-eindheffing volledig. Een elektrische auto met eerste toelating in 2027 heeft bovendien 20% bijtelling over de eerste €30.000, en dat percentage staat 60 maanden vast. Rijd je een youngtimer via je bv, lees dan ook ons artikel over de youngtimer als auto van de zaak.

Context: hoge prijzen aan de pomp

De pseudo-eindheffing komt op een ongunstig moment voor werkgevers die fossiel rijden. Door de oorlog in Iran en de blokkade van de Straat van Hormuz liggen de brandstofprijzen op een recordniveau. Benzine kost inmiddels rond de €2,60 per liter, diesel zelfs €2,80.

Werkgevers met een fossiel wagenpark worden daardoor van twee kanten geraakt: hogere brandstofkosten nu en een extra heffing van 12 procent per auto vanaf 2027. Voor een bedrijf met tien nieuwe fossiele leaseauto's met een gemiddelde cataloguswaarde van €45.000 betekent dat €54.000 per jaar aan pseudo-eindheffing.

Wat kun je nu doen?

Als werkgever met een wagenpark

  • Breng in kaart welke leasecontracten wanneer aflopen en welke auto's na 2027 vervangen moeten worden
  • Bereken de financiële impact: 12% van de cataloguswaarde per auto per jaar
  • Overweeg om auto's die rond 2027 vervangen moeten worden nog vóór 2027 ter beschikking te stellen, zodat het overgangsrecht geldt
  • Stem de looptijd van nieuwe fossiele contracten af op de einddatum van het overgangsrecht
  • Onderzoek elektrische alternatieven: die vallen volledig buiten de heffing
  • Pas je mobiliteitsbeleid en autoregeling tijdig aan, ook voor vervangend vervoer en huurauto's

Als DGA met een fossiele auto via de bv

  • Reken de totale kosten door: de belasting over je bijtelling plus de pseudo-eindheffing voor je bv
  • Vergelijk met de kosten van een volledig elektrische auto
  • Overweeg om de auto nog vóór 2027 ter beschikking te stellen en zo gebruik te maken van het overgangsrecht

Als zzp'er met een eenmanszaak

Voor jou verandert er niets. De pseudo-eindheffing geldt alleen binnen de loonbelasting. Je betaalt als zzp'er inkomstenbelasting en valt daardoor buiten deze maatregel. Voor je eigen auto blijven de gewone bijtellingsregels gelden.

Houd wel rekening met andere ontwikkelingen die fossiel rijden duurder maken, zoals de stijgende bpm-tarieven, de tijdelijke accijnskorting en de Europese CO₂-heffing (ETS2) vanaf 2028.

Elektrisch als alternatief: wat levert het op?

De pseudo-eindheffing maakt elektrisch rijden voor werkgevers relatief aantrekkelijker. Een overzicht:

  • Geen pseudo-eindheffing (besparing van 12% van de cataloguswaarde per jaar)
  • Bijtelling bij eerste toelating in 2026: 18% over de eerste €30.000, 22% over het meerdere
  • Bijtelling bij eerste toelating in 2027: 20% over de eerste €30.000, 22% over het meerdere
  • Vanaf 2028: 22% over de volledige cataloguswaarde voor nieuwe elektrische auto's
  • Vanaf 2029 de aangekondigde greentimerregeling: 14% bijtelling over de cataloguswaarde voor elektrische auto's van 5 tot 8 jaar oud, voor maximaal 3 jaar
  • 30% korting op de motorrijtuigenbelasting in 2026 en 2027
  • Geen brandstofkosten aan de pomp

Bij een elektrische auto met een cataloguswaarde van €45.000 bespaar je als werkgever €5.400 per jaar aan pseudo-eindheffing ten opzichte van een fossiele auto met dezelfde cataloguswaarde. Over een leasecontract van vier jaar is dat €21.600. Daar komen de lagere energiekosten nog bij.

Conclusie: nu handelen voorkomt hoge kosten

De pseudo-eindheffing van 12 procent over de cataloguswaarde is een forse kostenpost die veel werkgevers nog niet hebben begroot. De maatregel is definitief en gaat in op 1 januari 2027. Het Belastingplan 2027 maakt de regeling op een aantal punten wel werkbaarder, met een overgangsrecht tot en met 2030 en uitzonderingen voor vervangend vervoer, korte inzet en lesauto's. Die aanpassingen moeten nog door de Tweede en Eerste Kamer. Wie vanaf 1 januari 2027 een fossiele auto voor het eerst ter beschikking stelt, betaalt direct.

De combinatie van de pseudo-eindheffing, hoge brandstofprijzen en stijgende bpm-tarieven maakt fossiel rijden in de zakelijke markt steeds minder aantrekkelijk. Elektrisch rijden is daarmee niet alleen een duurzame, maar ook een financieel logische keuze.

Wil je weten welke elektrische auto's beschikbaar zijn via financial lease? Bekijk het elektrische aanbod of gebruik de financial lease calculator om je maandlasten door te rekenen. Bij FinancialLeaseZZP kun je ook leasen zonder aanbetaling en zelfs zonder jaarcijfers.