Elektrisch rijden loopt vast op bedrijventerreinen: hoe los je dit op?

De elektrificatie van bedrijfswagens kreeg jarenlang uitstel, maar het moment van de waarheid is aangebroken. Ondernemers die dachten nog een paar jaar met diesel te kunnen doormodderen, ontdekken nu dat bijna alle nieuwe bestellingen elektrisch moeten zijn. En dat levert een nieuw probleem op: het stroomnet houdt het niet bij.

De transitie die niemand zag aankomen

Importeurs melden dat vrijwel honderd procent van de nieuwe bestelwagens inmiddels elektrisch is. Geen keuze, maar noodzaak. Voor veel ondernemers valt het kwartje pas nu: elektrisch rijden betekent niet alleen een ander voertuig, maar een compleet andere manier van werken. En vooral: een compleet andere infrastructuur.

Bedrijven die op hun eigen terrein laadpalen plaatsten, lopen nu tegen hun grenzen aan. Meer capaciteit is vaak simpelweg niet beschikbaar. De netbeheerder kan het niet leveren, of de wachtlijst is jaren lang. Terwijl de vloot wel blijft groeien en elke nieuwe elektrische bus 's nachts moet opladen.

Het alternatief is snelladen bij publieke punten, maar dat wordt een dure grap. Een half uur wachten bij een snellader kost niet alleen tijd, maar ook geld. En met tienduizenden bedrijven die tegelijk dezelfde transitie doormaken, dreigen er straks files bij laadpleinen. Niet bepaald het verdienmodel waar ondernemers op rekenden toen ze elektrisch moesten gaan rijden.

Het echte probleem zit dieper

De hamvraag is: waarom is dit zo moeilijk? Het antwoord ligt niet bij de voertuigen of de laadpalen zelf, maar bij hoe we naar het probleem kijken. Elk bedrijf probeert het individueel op te lossen, terwijl de oplossing juist in samenwerking ligt.

Neem een gemiddeld bedrijventerrein. Overdag produceren zonnepanelen op de daken meer stroom dan er gebruikt wordt. 's Avonds en 's nachts, wanneer de elektrische busjes aan de laadpaal hangen, is er juist een enorme piek in de vraag. Die scheefgroei zorgt ervoor dat het lokale net overbelast raakt, terwijl er op andere momenten juist teveel stroom beschikbaar is.

Een bakkerij gebruikt bijvoorbeeld veel stroom in de vroege ochtend, een transportbedrijf juist 's avonds en 's nachts. Een groothandel heeft zijn piek overdag. Als al die bedrijven hun energie slim met elkaar delen, kunnen ze veel efficiënter omgaan met de beschikbare capaciteit.

Vooruitkijken loont

Slim opererende bedrijven gaan niet wachten tot de problemen zich voordoen. In Hendrik-Ido-Ambacht richtten veertien ondernemers samen een energiecoöperatie op. Het principe is simpel: als het ene bedrijf stroom overheeft, levert het die aan de buurman. Geen fysieke kabels tussen bedrijven, maar een slim softwaresysteem dat de energiestromen regelt via het bestaande net.

Het mooie is dat zo'n systeem kan meegroeien. Beginnen met het collectief organiseren van de laadvraag, later een gezamenlijke batterij plaatsen om piekmomenten op te vangen. Stap voor stap bouwen aan een systeem dat de druk op het net vermindert én kostenbesparingen oplevert.

Op grotere schaal zie je vergelijkbare oplossingen ontstaan. Een bedrijvencomplex in Eindhoven heeft een eigen energiecentrale, waar alle installaties centraal worden aangestuurd. In plaats van dat elk bedrijf zijn eigen compressor, warmtepomp en koeling heeft, delen ze die voorzieningen. Het resultaat: een aansluiting van 3 megawatt is voldoende, waar anders 30 of 40 megawatt nodig was geweest.

Van laadpunten naar energiemanagement

De discussie moet verschuiven. Het gaat niet meer om hoeveel laadpalen er staan, maar om hoe slim we met energie omgaan. Een bedrijventerrein waar tien bedrijven elk hun eigen oplossing zoeken, loopt vast. Een bedrijventerrein waar diezelfde tien bedrijven samenwerken, creëert efficiëntie en ruimte om te groeien.

Onderzoek wijst uit dat er in Nederland zo'n vijfhonderd locaties zijn waar zogeheten Charging Energy Hubs effectief kunnen werken. Meestal bedrijventerreinen aan de rand van steden, nabij snelwegen, waar logistieke bedrijven gevestigd zijn en waar ruimte is voor zonnepanelen of windmolens. Precies de plekken waar de laadproblematiek het grootst is.

Zo'n hub combineert verschillende elementen: collectief laden, lokale duurzame opwek, batterijopslag en slim aansturen van de energievraag. Het systeem stuurt bijvoorbeeld laadsessies aan op basis van wanneer de zon schijnt, wat de elektriciteitsprijs is en hoeveel capaciteit er op het net beschikbaar is. Simulaties laten zien dat dit de piekbelasting met meer dan de helft kan verminderen.

Denk in scenario's, niet in problemen

Voor ondernemers die elektrisch gaan rijden, zijn er grofweg drie scenario's:

Scenario 1: Business as usual Je wacht af, probeert individueel een oplossing te vinden en hoopt dat er op tijd meer capaciteit beschikbaar komt. Risico: je loopt vast, betaalt te veel voor snelladen of kunt niet doorgroeien.

Scenario 2: Noodoplossingen Je plaatst dieselaggregaten om elektrische busjes op te laden. Absurd, duur en een slecht signaal naar klanten en medewerkers. Maar het gebeurt al bij bedrijven die met de rug tegen de muur staan.

Scenario 3: Collectieve aanpak Je gaat in gesprek met buurbedrijven op het terrein, bekijkt waar gezamenlijke oplossingen liggen en investeert in slim energiemanagement. Je betaalt mee aan een gedeelde batterij, sluit je aan bij een lokale energiecoöperatie of werkt samen met de beheerder van het bedrijventerrein.

Het derde scenario vraagt initiatief en samenwerking, maar biedt op termijn de meeste zekerheid en de laagste kosten.

De rol van overheden en terreinbeheerders

Dit is geen probleem dat bedrijven in hun eentje kunnen oplossen. Terreinbeheerders, gemeenten en provincies moeten hun rol pakken. Grond beschikbaar stellen voor laadpleinen, vergunningen versnellen, samenwerking faciliteren tussen bedrijven.

In sommige regio's gebeurt dat al. Netbeheerders experimenteren met slimme netten, gemeenten reserveren ruimte voor collectieve laadinfrastructuur en brancheorganisaties organiseren bijeenkomsten waar ondernemers ervaringen uitwisselen.

Maar het tempo moet omhoog. De elektrificatie wacht niet tot alle systemen op orde zijn. Bedrijven die nu elektrische voertuigen aanschaffen, hebben nú een oplossing nodig. Niet over twee jaar, wanneer misschien meer netcapaciteit beschikbaar komt.

Praktische stappen voor ondernemers

Wat kun je als ondernemer nu doen?

Inventariseer je energiebehoefte Hoeveel voertuigen ga je de komende jaren elektrificeren? Wat betekent dat voor je stroomverbruik? Wanneer moet er geladen worden?
Ga in gesprek met buurbedrijven Wie zit er op je bedrijventerrein? Hebben zij vergelijkbare uitdagingen? Is er ruimte voor samenwerking?
Denk groter dan alleen laden Kun je zonnepanelen plaatsen? Is er mogelijkheid voor batterijopslag? Zijn er piekmomenten in je energieverbruik die je kunt verschuiven?
Praat met je terreinbeheerder Wat zijn de plannen voor het bedrijventerrein? Werken zij aan collectieve oplossingen? Zijn er subsidies of andere regelingen beschikbaar?
Kijk naar voorbeelden Welke bedrijven in jouw sector zijn al verder met elektrificatie? Wat zijn hun ervaringen? Wat kun je daarvan leren?

De rekening komt later

Veel ondernemers focussen nu op de aankoopprijs van elektrische voertuigen en de beschikbaarheid van laadpunten. Maar de echte kosten zitten in de operationele kant: wat als je chauffeurs elke ochtend eerst een uur moeten snelladen? Wat als je vloot niet kan groeien omdat er geen stroom meer is? Wat als je duizenden euro's per maand betaalt aan dure laadkosten?

Die rekening komt later, maar hij komt wel. Bedrijven die nu al nadenken over slimme energie-oplossingen, staan straks sterker. Zij kunnen doorgroeien, houden hun kosten onder controle en zijn minder kwetsbaar voor netcongestie.

Het momentum is er

De goede nieuws is dat er beweging zit in het dossier. Bedrijven experimenteren met nieuwe samenwerkingsvormen, technologie wordt betaalbaarder en overheden beginnen het urgentiebesef te voelen. Het Elaad-onderzoek naar Charging Energy Hubs geeft aan dat de technische haalbaarheid er is. Nu is het een kwestie van governance, samenwerking en de juiste randvoorwaarden creëren.

Hoe regel je elektrisch laden voor jouw wagenpark?

Voor transportbedrijven, koeriers, groothandels en andere ondernemers met een wagenpark betekent dit: zoek de samenwerking op. Individueel kom je er niet, collectief wel. De elektrische transitie is geen lastenpost, maar een kans om je energiehuishouding fundamenteel te verbeteren.

Het is tijd om van laadpunten naar energiemanagement te denken. En van individuele oplossingen naar collectieve aanpak. Want netcongestie is geen probleem van bedrijven, maar van bedrijventerreinen. En dat los je alleen samen op.